College wil Blankenburgtunnel niet zien
- Redactie
- 20-11-2013
- Nieuws
VLAARDINGEN – Over de Blankenburgtunnel lijkt alles wel zo’n beetje gezegd te zijn, door voor- en tegenstanders. Dat hij er komt, lijkt een onomkeerbaar proces, de vraag is nu vooral of we de tunnel in het landschap zullen zien of niet.
Maandag 25 november zal er in Den Haag in de Tweede Kamer gesproken worden over het Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (MIRT), waarbij de Blankenburgverbinding ook aan bod komt. ,,Voor de zomer hebben we als Vlaardingen al een zienswijze ingediend’’, aldus wethouder Jan Robberegt. ,,Het totale aantal zienswijzen komt daarmee uit op circa 2300. Daarmee houdt onze zeggenschap op, maar we kunnen de leden van de Tweede Kamer nog wel oproepen zich uit te spreken over de knelpunten in de plannen van de Blankenburgtunnel.''
Toen eerder gesproken werd over een verdiepte tunnel kon het college niet vermoeden dat het tunneldak nog zo’n twee meter boven de grond zou uitsteken. Jan Robberegt: ,,We willen dat dit nog verder omlaag wordt gebracht, het liefst die twee meter. De toezegging van de minister om te onderzoeken wat optimaal mogelijk is, stelt ons niet gerust. We willen dat de minister concreet toezegt de landtunnel dieper aan te leggen, zodat in dit groengebied de zeer gewaardeerde Vlaardingse vergezichten ongemoeid blijven.''
Vlaardingen vraagt ook aandacht voor de verkeersknelpunten rond het Kethelplein. Met het oog op de forse verkeerstoename op de A20, die tegelijk met de aanleg van het Blankenburgtracé wordt verbreed, heeft Vlaardingen de minister gevraagd om inzicht in de knelpunten rond het Kethelplein en om oplossingen hiervoor. ,,Haar mededeling een dynamisch model te bouwen om de verkeersafwikkeling in beeld te brengen, lijkt ons niet afdoende'', stelt Robberegt. ,,Natuurlijk moet de minister met verkeersprognoses komen, maar belangrijker vinden wij, dat zij toezegt dat zij maatregelen treft ingeval de verkeersdoorstroom stagneert. Hiervoor moet zij geld reserveren. Een goede doorstroom van verkeer is in vele opzichten van belang. Ten eerste omwille van de leefbaarheid, daarnaast ook vanwege het economisch belang.''
Tenslotte vraagt Vlaardingen de Kamerleden te pleiten voor een coupurekering (soort nooddeuren in dijk) in plaats van een kanteldijk als primaire waterkering op de noordoever van de Nieuwe Waterweg. Bij een kanteldijk hier komt het wegdek minimaal 6.5 meter boven NAP, in een landschap dat al ongeveer anderhalve meter onder NAP ligt. Zulke hoge dijklichamen tasten de zichtlijnen van het open groengebied drastisch aan. Bovendien veroorzaakt de hoge snelweg een aanzienlijke geluidstoename in het recreatiegebied. Door de te overbruggen hoogteverschillen vanaf de tunnelmond is er bij een kanteldijk sprake van beduidend meer ruimtebeslag, zowel in de breedte als in de lengte. Robberegt: ,,Helaas spreekt de minister in haar reactie op onze zienswijze niet uit dat zij de mogelijkheden van een coupurekering wil heroverwegen. Zij geeft alleen aan dat zij in het vervolgproces de hoogte en vormgeving van de geplande kanteldijk nader uitwerkt.''