Categorieën

Service

Column: Kibon

Column: Kibon
Nieuws

Column: Kibon

  • Bas van Toor
  • 28-06-2014
  • Nieuws
Column: Kibon

Heel het leven draait vandaag de dag om Brazilië, één van de mooiste en boeiendste landen waar ik warme herinneringen aan heb en het genoegen had om er vier maanden te mogen werken in de mooiste theaters van de wereld. 

Het was 31 december 1970 en ik liep met mijn vrouw en mijn dochtertje te wandelen in de Duke de Casias, één van de grote avenues in Rio de Janeiro van deze toen al 10 miljoen inwoners tellende metropool, toen ik een jongen ontwaarde die stond te huilen dat het een lieve lust was. Zijn gerafelde T-shirt was nat van de tranen en op het voor hem van piepschuim gemaakte kistje begon zich al een kleine plas van oogvocht te vormen. Het duurde vijf minuten voordat onze licht-chocolade gekleurde vriend van circa negen jaar er met horten en stoten uitbracht: Hij was ijsverkoper van het merk KIBON. 

In Brazilië beginnen miljonairs in spe niet als krantenjongen maar als ijsverkoper. Ze worden dan met een kistje vol lolly's met een verkoopwaarde van € 12,50 de straat opgestuurd en leuren zich het apezuur. Want de fabriek neemt geen gesmolten waar terug en er moet bij het vullen van het kistje gelijk betaald worden. Zeer slim van die fabriekmeneer dus, en deze jongens vechten letterlijk om de klandizie. Over hard selling gesproken. 

Goed, terug naar ons huilende wereldwonder. Want die gozer leek wel een soort Braziliaanse Manneke pis, maar dan met zijn ogen. Hij hortte en stootte eruit dat hij door drie jongens in elkaar geslagen en van zijn poen en ijs beroofd was. En hij durfde niet terug naar zijn moeder  (vaders zijn door de aldaar anders heersende zeden vrij zeldzaam) omdat er dan een pak op zijn donder in het verschiet zat waar het pak slaag van zijn rovende 'vriendjes' maar een lachertje bij zou lijken. 

Nou kom ik zelf uit een gezin waar we vrijdag 's middags altijd lege flessen terug brachten en voor het ontvangen geld busworst mee moesten nemen die dan op de droge boterham ging. Want pa kwam pas zeven uur thuis van de haringkuiperij met het loonzakje. Dus wij voelden meteen een soort sociale band met onze kleine zakenman die het slachtoffer was van wat men nu kleine criminaliteit noemt, maar wat voor hem een ramp betekende in de categorie van de Titanic, Atoombom etc, etc. 

In mijn gedachte flitste een jeugdherinnering op die ik als jongen van 14 jaar beleefde toen ik als krantenjongen van het Algemeen Dagblad eens voor schut ging bij een vrouw die beweerde dat ze met f 25,-. betaald had terwijl ik zeker wist dat ik f 10,-. ontvangen had. En  zodoende kon ik een week voor niks de krant weg brengen. Het Algemeen Dagblad is overigens een goede krant, maar heeft voor een krantenjongen de nare eigenschap als ochtendkrant uit te komen. Dus een week lang om vier uur voor niks je bed uitkomen is niet niks. 

Ik aarzelde dan ook geen moment en vroeg hoe groot de schade was (het was omgerekend f 12,50) om vervolgens voor 50 procent mee te gaan in het verlies. Ik gooide met het Hollanders eigen royale gebaar 20 Cruzeiros in het kistje. Mijn dochter van zes opende haar portemonneetje en gaf ook 2 Cruzeiros. En ook mijn vrouw haar beurs ging open en vijf Cruzeiros dwarrelden in het piepschuim. Een besnorde Braziliaan vroeg: 'Was ist los?' (op z'n Portugees dan) en vrolijk met zijn ogen draaiend floepte hij tien Cruzeiros in het kistje van onze vrolijke, nee wat zeg ik, huilende bruine zakenman. 

Weer een voorbijganger, zelfde story, floep weer tien Cruzeiros. Nog één, bingo! Er kwam een deftige dame voorbij, knipje open en één Cruzeiro in het plastic. Weer een loei van een huilbui. En nog een potige neger trok de knip, pardon bruine medeburger. Bam! Weer vijf Cruzeiros in de kist. En onder het sonore gehuil van ons kleine huilende wonderkind vulde langzamerhand het piepschuim kistje zich gestadig met poen. Huilend nam hij afscheid. Zijn plastic brandkast onder zijn arm geklemd en met een blik op zijn kletsnatte T-shirt mompelde ik nog: 'Feliz año neuvo', wat zoveel als Gelukkig Nieuwjaar betekent. 

In de kleedkamer van het theater vertelde ik het 's avonds aan mijn broer Adriaan en Richard Ross, die ook met ons op tournee was. En ook onze Braziliaanse impresario zei met een grijns op zijn snuit terwijl hij zijn rechterhand over zijn hart streek: 'Sebastiaan, es Brazil! Con corazon.' Oftewel dit is nou Brazilië met hart. Met een gerust hart ging ik het nieuwe jaar in. Ik had tenslotte zoveel goeds gedaan in het oude en vierde het oud en nieuw in Brazilië met alles erop en er aan. Plus de andere dag een kater waar Felix U tegen zou zeggen. 

Ik was het gehele voorval al vergeten toen ik een paar dagen later door een andere avenue liep, waarvan ik de naam nu kwijt ben, want de clown is tenslotte ook al 78 jaar. Toen eerst mijn oor en daarna mijn oog een kleine huilende negerjongen ontwaarde die voor zijn piepschuim KIBON kistje stond te huilen dat het een lieve lust was. Onze blikken kruisten elkaar en als door een fee aangeraakt stopte de huilmachine, hij greep zijn alreeds half gevulde piepschuim geldmaker en verdween in de menigte. Mij en mijn vrouw met tranen in de ogen van het lachen achterlatend. Want we hadden hem door; hij verkocht geen ijs. Hij verkocht leed, treurnis en droefenis. 

Wat een handel! Hij verkocht het en op de volgende hoek van de straat had hij het weer. Wat een zakenman...! Wat heet zakenman, een artiest! Daar stond een Shylock, een Jeroen Krabbé van negen jaar. Daar stond een acteur op de tegels waar Privé, Story en de Weekend een week mee gevuld zou kunnen worden. Albert Verlinden zou hier ook bij huilen. Daar stond Sammy Davis die de toekomst al bijna achter zich had. 

Ik weet het zeker: Het gehele voorval is nu al bijna 44 jaar geleden, maar ergens in Rio, Curitiba of Saõ Paulo staat een bruine entertainer op de bühne. En staat zijn naam groot op de gevel van het theater of zit er ergens een bruine jongen met dikke gouden ringen achter de computer de inkomsten te tellen van zijn zakkenrollersorganisatie of is er ergens een naamloos graf van een kleine bruine jongen die met zijn huilshow net even het verkeerde publiek trof en een mes tussen zijn magere ribben kreeg in plaats van een lachsalvo zoals van ons. Maar één ding staat vast; ik ben 55 jaar artiest voor mijn brood en heb als acrobaat en als Bassie de Clown in 18 landen gewerkt en heb mij altijd zo duur mogelijk proberen te verkopen, maar dit wonderkind blijft mij altijd in mijn geheugen als de beste acteur/entertainer en bovenal zakenman die ik ooit in mijn leven heb ontmoet. Wat een talent!!!

Viva Brasil con corazon.