Een ontplofte zeemijn
- Redactie
- 04-11-2014
- Nieuws
VLAARDINGEN - Gedurende de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) was iedere schipper ervoor bevreesd; de zeemijnen. Op menig vissersschip dat een zeemijn in de netten kreeg, kon men weinig anders doen dan die netten afkappen en ze prijs geven aan de zee. Maar dan moest je die mijn natuurlijk wel op tijd in de gaten hebben... Vandaag precies honderd jaar geleden sloeg het noodlot toe op de VL 132 Flevo I.
Het Vlaardingsche loggerschip 'Flevo I' VL 132, van de reederij Flevo te Vlaardingen, is te IJmuiden binnengesleept door den stoomlogger IJM 33 met beschadigden voorsteven en ver lies van twee der opvarenden, den 27-jarigen schipper Kornelis Noordijk, wonende Oosterdwarsstraat, en den 22-jarigen stuurman Bastiaan van Krimpen, wonende 1e Maassteeg, beiden te Vlaardingen.
Omtrent de oorzaak van dit treurig ongeval vernemen wij, dat bij het binnenhalen van de vleet daarin een mijn zat, die op een gegeven oogenblik ontplofte, waarbij door den vreeselijken schok de schipper en de stuurman overboord werden geslagen, terwijl de oudste, zekere De Metz, wonende te Schiedam, inwendig werd gekwetst en in het Roode Kruis-hospitaal te IJmuiden ter verpleging is opgenomen. Beide omgekomenen waren gehuwd. Van de vleet gingen 70 netten verloren.