VIDV: Zomaar een zomeravond
- Wilma Hollander
- 16-08-2015
- Nieuws
VLAARDINGEN - Iedere zondag op Vlaardingen24: Vlaardingers in den Vreemde! Vlaardingers die de Haringstad achter zich hebben gelaten om elders in de wereld hun geluk te zoeken, geven bij toerbeurt een kijkje in de keuken van hun leven 'in den vreemde'. Maak kennis met Cora Vlug (Verenigde Staten), Geert van Mil (Canada) en vandaag met Wilma Hollander (Griekenland).
Warm is het hier in Pilion. Hittegolf-warm, met temperaturen boven de vijfendertig graden, waardoor het asfalt aan je sandalen kleeft en zweetcellen al actief zijn wanneer je heel stil op je stoeltje zit. Erover klagen doe ik niet - nou ja, bijna niet! - want als je problemen hebt met dit soort temperaturen moet je natuurlijk niet naar Griekenland emigreren. Als de hitte me wel eens iets te veel wordt, hoef ik eigenlijk alleen maar aan al die mensen te denken die heel veel geld neertellen om twee weken in deze warmte te mogen verblijven, en kijk, dan is mijn 'klaagbui' snel voorbij. Ik blijf het nog steeds een cadeautje vinden om hier te kunnen wonen, en dagelijks te genieten van wat voor anderen een vakantiebestemming is.
Gisteravond had ik nog zo'n intens genietmoment, toen ik rond half twaalf in mijn luchtige zomerjurkje in onze door lampionnetjes verlichte kióski zat. Alleen dat woord 'kióski' al... zeg nou zelf, dat klinkt toch veel mooier dan het in Nederland veelvuldig gebezigde 'partytent'? Bovendien is het dat niet. Onze drie bij drie kióski is aan het begin van de zomer door ons aangeschaft om schaduw te geven op het terrasje dat uitzicht biedt op de mooie bergen achter ons huis; zeer zeker niet om feestjes in te geven. Hoewel het daar zitten natuurlijk op zich al een feestje is... dat dan weer wel. Afijn, terwijl ik zo naar de flonkerende lichtjes op de berg zat te staren, de zware geuren van lavendel, oregano en hibiscus zwevend in de zachte avondbries, werd ik ineens overspoeld door een diep geluksgevoel. Ik voelde me zo super dankbaar dat ik hier zomaar mag wonen, in ons schattige witte huisje met de rode luiken en de grote overvloedige tuin, in dit chaotische maar prachtige land... En ja, ik weet natuurlijk ook wel dat het ons allemaal niet in de schoot is geworpen, dat de afgelopen jaren niet altijd even gemakkelijk waren en dat we er allebei heel hard voor gewerkt hebben om ons nieuwe leven op te bouwen tot wat het nu is. Maar gisteravond, mijmerend in mijn romantische kióski, dacht ik daar allemaal niet aan. Ik was alleen maar dankbaar. Want is het niet zo dat heel véél mensen keihard werken, tegenslag op tegenslag te boven komen en desondanks het einde van de tunnel nooit bereiken? Dus waarom wij dan wel?
Als schrijfster ben ik heel goed in doemscenario's bedenken. En mijn calvinistische Nederlandse roots roepen op dergelijke momenten meteen dat ik vooral niet moet denken dat ik er nu ben. Het waarschuwend opgeheven vingertje was gisteravond aan de rand van mijn brein alweer hard bezig om zich een weg naar voren te banen. Maar tien jaar Griekenland laat zijn sporen na. Ik duwde het vingertje met een glimlach weg. Vandaag is vandaag, en morgen is er een nieuwe dag. Of niet... Dat weet je nooit, toch? Niks mis mee dus om heerlijk te genieten van ons charmante huisje, van het vrije bestaan dat we hier hebben. Precies op dat moment wandelde er een vader met zijn drie-, vierjarig dochtertje voorbij ons hek. Jawel, ook dat is normaal hier, om halftwaalf 's avonds. 'Go with the flow', en niks geen 'om zeven uur hoor je als kind in bed te liggen!'. Waarschijnlijk had de hele familie 's middags heerlijk liggen tukken, want wat moet je anders bij vijfendertig plus graden? Ook zoiets wat ik hier geleerd heb in de achter ons liggende jaren. De natuur, het klimaat, is nog altijd krachtiger dan wij mensen. En beter dan daar tegenin te gaan, is dat gewoon te accepteren, en je eraan over te geven. Van de natuur win je het nooit, hoe goed je ook je best doet. En om halftwaalf 's avonds is het hier in de zomer een stuk aangenamer dan om drie uur 's middags, dat kan ik u verzekeren!
Vader en dochter hadden het helemaal naar hun zin en liepen gezellig te keuvelen. Onze hond Ira, gek op mensen en vooral op kinderen, rende uiteraard blaffend en kwispelstaartend naar het hek om hen te begroeten. De vader bleef even staan. 'Kíeta... Kijk,' zei hij tegen zijn dochtertje. 'Ti oreía skiláki, kai ti oreía, oreía kýpos!' Oftewel: wat een mooi hondje, en wat een mooie, mooie tuin!' Onder het afdak van mijn kióski zat ik, onopgemerkt in het donker, breeduit te glunderen. Want ja, Ira is een mooie hond, en ik vind mijn tuin ook heel mooi. Maar wat ik nog veel mooier vond, was dat deze papa het ook zag. Dat hij zomaar de tijd nam om stil te staan en om zich heen te kijken. Dat hij niet zo snel mogelijk onderweg was van A naar B. Dat hij al doende zijn dochtertje leerde dat het onderweg zijn net zo interessant is als het aankomen op de eindbestemming. Een heel belangrijke levensles die ik zelf eigenlijk pas goed onder de knie begin te krijgen sinds ik hier in Pilion woon.
Nou ja, beter laat dan nooit, toch? ;-)