Categorieën

Service

Vlaardingse fotograaf Hans Molenkamp (79) overleden

Vlaardingse fotograaf Hans Molenkamp (79) overleden
In memoriam

Vlaardingse fotograaf Hans Molenkamp (79) overleden

  • John Knieriem
  • 25-08-2026
  • In memoriam
Vlaardingse fotograaf Hans Molenkamp (79) overleden

Vijf keer Parijs-Dakar, 6 geredde levens en geen greintje diplomatie

Op zaterdag 9 januari 1988 sloeg in de woestijn de DAF TurboTwin X2 meerdere keren over de kop. Navigator Kees van Loevezijn werd uit de cabine geslingerd en overleed, chauffeur Theo van de Rijt en zijn tweede bijrijder raakten zwaargewond. DAF trok het complete team terug, Jan de Rooy stopte op slag en daarmee eindigde het Nederlandse DAF-avontuur in de Parijs-Dakar. In dat pandemonium liep een fotograaf uit Vlaardingen.

Hans Molenkamp deed die rally zoals hij er in totaal vijf zou doen, met camera's vol stof en te weinig slaap. Hij was in de jaren tachtig de bekendste Nederlandse Dakar-verslaggever en hij was erbij toen het misging. Hans overleed op donderdag 20 augustus in Gerde, het Hongaarse dorp waar hij de laatste bijna twintig jaar van zijn leven woonde. Op 20 september zou hij tachtig zijn geworden.

Van de tuinbouwschool naar de wereld

Hans Molenkamp werd op 20 september 1946 in Vlaardingen geboren en ging daar naar de tuinbouwschool. Met de loopbaan die volgde had dat weinig te maken, al zou hij zestig jaar later in Hongarije alsnog met zijn handen in de grond zitten. Vanaf 1973 verdiende hij zijn brood met fotograferen en dat is hij meer dan een halve eeuw blijven doen.

Bij Truckstar werd hij binnengehaald door een jong team, en hij bleef er bijna twintig jaar aan leveren. Altijd dezelfde combinatie: sappige verhalen én de foto's erbij. In een tijd waarin redacties strikt gescheiden hielden wie schreef en wie schoot, deed Molenkamp allebei. Zijn Dakar-verslagen belandden in de jaarboeken die het blad over de rally uitbracht.

Hoe fanatiek hij was, laat zijn archief zien. Alleen al voor het project Truck in Action legde hij tussen 1981 en begin 1984 bijna achtduizend negatieven vast, Nederlandse vrachtwagens, netjes gesorteerd per merk.

De Parijs-Dakar van die jaren heeft weinig gemeen met het gepolijste evenement dat tegenwoordig door Saudi-Arabië trekt. Nauwelijks satellieten, nauwelijks medische ketens, nauwelijks regels. Deelnemers verdwaalden en werden dagen later teruggevonden, toeschouwers werden aangereden, er stierven coureurs en omwonenden en de karavaan reed door. In juli van dit jaar legde de Rallytrucks-podcast zijn verhalen daarover vast, omdat hij de makers had laten weten dat het einde naderde. Wie die opname terugluistert, hoort iemand die weigert het mooier te maken dan het was.

In vuur en vlam

Hoe hij werkte, laat zich het beste vertellen aan de hand van één opdracht. In 1982 fotografeerde hij de hoes van In Vuur En Vlam van The Amazing Stroopwafels, op een braakliggend terrein naast zijn atelier. Wim Kerkhof had een afgedankte contrabas meegebracht en een blik Bisontix, contactlijm met veel verdunner erin en dus met veel meer brandkracht dan iemand had ingecalculeerd. Er kwamen vlammen, in zijn eigen woorden hele grote vlammen, die met de wind mee een dimensie aan de titel gaven die niet in het draaiboek stond. De plaat verscheen dat jaar bij Universe Productions, met zijn naam bij de fotografie.


Op Cuba heb ik van dichtbij gezien hoe hij met mensen omging. Ik voltooide daar met hem zijn drieluik, een fotoboek over drie bezoeken aan het eiland met steeds ongeveer tien jaar ertussen. Hij vroeg mij het project te sponsoren, ik stelde als voorwaarde dat ik dan mee zou gaan, en dat wilde hij niet. Het kwam er toch van en het werd een waanzinnige tijd.

Voor het boek dat we maakten zochten we de mensen op die hij jaren eerder had gefotografeerd. Hij noemde zijn methode zelf een mindfuck. Hij praatte, keek en wachtte tot er iets in iemand omging, en drukte pas dan af. Daar kwamen platen uit die spreken. Het is een zeldzame gave om een gezicht te laten spreken op een foto en Hans beheerste die.

Geleende tijd

Rond 1980, hij was drieëndertig, kreeg hij te horen dat hij de ziekte van Hodgkin had, stadium 3, met een prognose van ongeveer vijf jaar. Twee jaar chemo volgde, om de veertien dagen bloedprikken en gesprekken in de Daniel den Hoed in Rotterdam. Die kliniek heeft hem het leven gered, schreef hij later zelf.

Wie zijn eigen doodvonnis voorgelezen krijgt en er vervolgens onderuit komt, komt anders in het leven te staan. Molenkamp ging waar hij heen wilde, zei wat hij dacht en verspilde geen middag aan mensen die zijn tijd niet waard waren. De ziekte maakte hem vooral ongeduldiger, en dat is hij tot het eind gebleven.

De ziekte kwam terug, meer dan eens. Telkens kreeg hij opnieuw tijd. Uiteindelijk ruim veertig jaar meer dan hem in 1980 was voorspeld.

Zes levens

In zijn biografie staat een cijfer dat de meeste mensen nooit halen. Hans Molenkamp heeft in zijn leven zes mensen van de dood gered.

De eerste was zijn eigen jongste kind. In september 1979 stond zijn huis in Vlaardingen in brand en haalde hij het kind naar buiten. Daarna volgden er nog vier, onder meer bij verkeersongelukken waar hij als eerste stopte terwijl anderen doorreden of bleven staan kijken. Hij vond het vanzelfsprekend dat je uitstapt.

Dat het hem iets heeft gekost, bleek pas laat. In januari 2024 begon hij op advies van een psycholoog te schrijven over wat hij had gezien, om af te rekenen met chronische slapeloosheid en met beelden die decennia bleven hangen. Uit de blog die daaruit ontstond, Hansio in Retrospect, blijkt hoe heftig dat allemaal was.

De zesde staat apart. Op 19 augustus 1996 werd Miep Kortleven, een achternaam waarmee je in Vlaardingen nooit ver van huis bent, door een wesp gestoken. Zij bleek allergisch, de reactie zette snel door en zonder ingrijpen had zij het niet gehaald. Hans handelde snel en hij handelde goed, en zij overleefde het.

Van de vijf andere reddingen hield hij littekens over waarover hij pas decennia later kon schrijven. Deze redding leverde iets heel anders op. Geen trauma maar een trouwdatum. Miep bleef in zijn leven .

Bot

Laten we het niet gladstrijken nu hij dood is. Molenkamp was in de omgang regelmatig onaangenaam. Hij was bot en hij zei wat hij vond, ook wanneer niemand erom vroeg en ook wanneer het hem een opdracht kostte. Dat kwam voort uit iets wat in dit vak zeldzamer is dan men doet voorkomen: hij loog niet. Niet over zijn foto's, niet over wat er in de woestijn gebeurde, niet over andermans werk. Wie complimenten wilde, moest ergens anders zijn. Wie een eerlijk oordeel wilde, kwam bij hem terecht.

Gerde

In 2007 vertrokken Hans en Miep naar het zuiden van Hongarije, naar het dorp Gerde. Het was hun plan en het werd hun werk. Miep nam de taal en de papierwinkel voor haar rekening. Samen bestierden ze het huis, de tuin en de dieren. En Hans bleef de camera hanteren. Wie daar over de vloer kwam, had binnen een uur door hoe zij gezamenlijk dit project en alles wat ze ondernamen, vormgaven.

Een belangrijk project was van haar. Miep maakt CBD-olie, dus zonder het bedwelmende bestanddeel waar de verwarring altijd over gaat. Zij doet de hele keten zelf, van het zaad tot de fles. Zij maakt die olie om mensen in nood te helpen, en dat is in de streek bekend. Hans hielp, sjouwde mee en had commentaar, zoals hij overal commentaar had.

Tegelijk zag hij met zorg hoe de vrijheden in Hongarije onder druk kwamen te staan. Iemand die zijn hele leven precies zei wat hij dacht, laat zoiets niet langs zich heen gaan.

Over zijn laatste maanden hoeft niemand een mooi verhaal te vertellen. Hij wilde niet dood. Hij was er niet klaar mee, hij had nog plannen en hij maakte zich vooral zorgen om Miep, die hij in dat huis in Gerde achterlaat.

Hij stierf donderdag, precies dertig jaar en één dag nadat hij Miep het leven redde. Van de jaren die hem op zijn drieëndertigste eigenlijk niet meer waren beloofd, heeft de jongen van de Vlaardingse tuinbouwschool er maar weinig ongebruikt gelaten.